|
|
|
|
| In Hoogvliet, Rotterdam, ligt het plangebied 'Oedenvlietse
Park' waar KuiperCompagnons het stedenbouwkundige plan heeft
gemaakt. In essentie keert dit plan het groen binnenste-buiten:
waar eerst park- en sportgebieden aan de randen van een woonwijk
lagen, zijn die groengebieden hier naar binnen gebracht en omringd
door woningbouw. Op de drie hoekpunten is steeds een byzondere
bebouwing gedacht, in de oostpunt nabij het centrum van Hoogvliet
is dat een hoogtepunt: een woontoren van 90 meter. |
|
 |
 |
|
|
|
|

De ontwikkeling van deze toren is het startsignaal
voor de ontwikkeling van het hele plangebied: het 'oosterbaken'
zal een baken voor een nieuwe kwaliteit zijn.
Veel 'torens' zijn in feite schijven; met een gelijke
hoogte - breedte verhouding. Nu een echte toren: drie
woningen per laag geven deze toren de nodige rankheid.
Vanuit de beklemming bij de meeste torenplattegronden
van de middelste woning is het 'Vingermodel' ontstaan:
een samenstel van torens, dus nog een grotere slankheid
en een vrijere oriëntatie binnen de woning.
|
|
|
|

|

|
| De beuken staan los en in de 'oksels' tussen die beuken
kan er daglicht diep in de woning dringen. Een zeer sprekend
beeld ontstaat. Het gebouw wordt 'gedragen' door zijn
krachtige plastiek, een beeldhouwerk met subtiele knikken
in de opgaande glaslijnen en in de stevige metselwerkwanden.
De grote vlakken worden erdoor verlevendigd, en staan
zonder verdere onderverdeling op zichzelf. Een zorgvuldige
'zuivere' detaillering draagt bij aan deze enkelvoudigheid.
Ook binnen is het idee van een toren steeds ervaarbaar;
de halruimten zijn ruim en licht, met wisselende vide's
over meerdere verdiepingen. Hier groeien bomen, en met
de panoramische glasgevels krijgen de halruimten een
unieke sfeer.
|
|
|
|
|
 |
|
Een andere kwaliteit is die van het maaiveld: er is
voorzien in een ruime parkeerkelder waarin ook bergingen,
afvalverwerking en installaties gehuisvest zijn. Daarmee
blijft de toren vrij toegankelijk en als solitair volume
ervaarbaar. Het dak van de kelder is deels ingericht
als entreegebied en deels als groengebied. Er zijn uitgebreide
windtunnelproeven verricht , een aantal halfopen windschermen
rondom de toren zorgen voor een veilig en aangenaam
windklimaat. Aan de zuidzijde is één beuk vanaf de lagere
kade separaat toegankelijk, hier zijn over vier lagen
andere programma's mogelijk.
Aan de andere zijde is op de begane grond een woonwerkwoning
opgenomen. Met deze voorzieningen maakt de toren zoveel
mogelijk 'contact' met de wijk.
|
|
|
|
Van groot belang is de alzijdige oriëntatie: er
is geen sprake van een voor- en een achtekant. Aan de
noord-oost zijde, naar het centrum gericht, vinden we
de entreegevel die geheel in glas is uitgevoerd. Hier
sluit de toren aan op het verhoogde plein. Het vele
glas dient aan deze zijde ook als geluidsscherm voor
de woningen erachter. Hierdoorheen zijn de groene vide's
en s'nachts de verlichte halruimten goed te zien.
De woningen aan de lagere waterzijde zijn goed georiënteerd
op het zuiden, hier zijn de koppenvan de beuken voorzien
van serre's. De serre's zijn een klimaatbuffer in de
verschillende jaargetijden: in de zomer zijn het grote
zonneschermen (binnengevel dicht, buitegevel open).
In de winter biedt de dubbele gevel extra comfort.
Een scala aan extra woonkwaliteiten; extra verdiepingshoogte,
grote kamers en verschillende indelingsmogelijkheden,
vooral een grote en dus bruikbare serre-buitenruimte.
Ook domotica, extra laag energieverbruik, zwevende dekvloeren
voor extra geluidsisolatie maken dit project in alle
opzichten een hoogstand.
|
|
 |
 |
|
|
|
|
|
|