Het Hoge Huis, Zwolle Vinex Stadshagen Werkeren, 2006 - 2009 (MASSA)
opdrachtgever: Woningstichting SWZ Zwolle
aannemer: Noppert Heerenveen
ontwerp: Koos Kok, Laila Ghait
team: Charitas v/d Heide, Jeroen Ekama,
Elisabeth Zwanenburg, Nicandra Nocera,
Sabine Simon
Plan: 40 woningen, zorgfuncties en parkeergarage
In Stadshagen, de Vinex wijk bij Zwolle is een groot laagbouwgebied gepland
met één accent: een appartementengebouw dat met kop en schouders boven de
kappenzee zal uitsteken. Dit hoogtepunt ligt langs het spoor, aan de rand
van Werkeren, op de samenkomst van een lange gebogen laan en een singel.
Door het gebouw terug te zetten ontstaat ruimte voor een waterpartij die de
flauwe boog van laan en gebouw volgt.
De hoofdopzet van het gebouw is bepaald door de stedenbouwkundige ambitie
voor een hoogteaccent langs het spoor en het bouwen met een kap. Het
woningbouwprogramma, appartementen voor ouderen die zorg behoeven, biedt
echter geen ruimte om het gehele plan te voorzien van een zolderruimte met
pannendak.
Door het hoogteaccent te concentreren in een slank huis met zadeldak is het
nieuwe icoon voor de kappenwijk Werkeren van veraf te voorzien. De overige
woningen in de boog zijn voorzien van een plat dak met een forse overstek,
een overstek dat gedragen wordt door een statige reeks gemetselde kolommen.
Tussen deze kolommen hangen de balkons en de galerijen die aan de voorkant
zijn voorzien van metselwerk zodat een bakstenen raster ontstaat. De
achterliggende tweede gevel krijgt een matzilveren aluminium huid zodat de
solide uitstraling van het metselwerk meer diepte krijgt en het totaal
lichter van toon wordt.
Twee gebouwen: het huis en de boog die samen een hecht en intrigerend
ensemble vormen. Waar het huis met zijn dichte gemetselde gevelvlakken een
robuuste indruk maakt, is de boog rank en filigraan door de toepassing van
het raster. De volume’s raken elkaar nét niet en ze staan iets verschoven
waardoor spanning tussen de twee verschillende karakters ontstaat. Het
robuuste huis heeft door zijn hoogte toch een ranke verhouding en een deel
van de gevel is door de toepassing van grote ramen te lezen als een raster.
Hierdoor zijn de bouwdelen toch verwant en die verwantschap wordt versterkt
door de keuze voor één soort metselwerk.
De boog reageert met zijn "staart" ook op de uitmonding van de singel: hier
zijn luxere, dus diepere woningtypen bedacht die uitkijken over het
singelwater. In het gebouwvolume ontstaat dus een iets vooruitstekende kop
die de beweging van het water inleidt. Aan de andere kant, aan de groene
ruimte van het spoor, is voorzien in een zonnig terras aan de
gemeenschappelijke woonkamer. De auto"s die hier in eerste instantie gepland
waren aan de galerijzijde zijn grotendeels opgeborgen in een parkeerkelder,
waardoor ruimte ontstaat voor een collectieve tuin aan de noordwest zijde.
Deze voortuin wordt voorzien van een parkhek zodat de sfeer van een besloten
parkje het thuiskomen begeleid en ruimte biedt voor ontmoeting en rust.
De doelgroep zijn relatief zelfstandige ouderen die op termijn meer zorg
zullen behoeven. Er is daarom in dit plan meer dan gemiddeld rekening
gehouden met zorgverlening in de woning: onder andere zijn badkamers en
slaapkamers toegankelijk voor tilliften. Verder biedt het gebouw ruimte voor
zorgverlening in de vorm van een gemeenschappelijke woonkamer en een
zorgkantoor in de ‘hemelruimte’ bovenin het huis. Domotica is in dit gebouw
uitgewerkt tot een hoogwaardig ondersteunend systeem. Ouderen krijgen hier
een prominente plek in de wijk, in een duurzaam en compleet gebouw.
De uitstraling van het gebouw wordt grotendeels bepaald door de
wasserstrich-achtige onbezande steen in een krachtige oranjeroodbruine
nuancering. Het oranjerode pannendak sluit hier op aan en de kleurstelling
komt geïntensiveerd terug in de woningtoegangsdeuren. Als tegenhanger is de
binnengevel in een koele matzilveren aluminiumbeplating bedacht. Een
uitgekiende verlichting zal ook na zonsondergang de kwaliteit doen
oplichten.